Blogarchief

31 oktober 2007

Eerste van de twaalf werken.


Boer Poutrel (mijn vriend Karel van Le Ran) beweert dat de ammoniak die vrijkomt uit de varkensmest overal intrekt en zorgt voor een blijvende penetrante geur. Boer Poutrel heeft gelijk.

Vandaar Yserttout-werk nummer één: het uitgraven van de met mest doortrokken beton in de varkenskoten.
Voorwaar, een eenvoudig werkje.
Er is aangekoekte, of aangestampte aarde, nodig: een degelijke spade.
Er is een soort betonachtige bodembedekking, nodig: hamer en beitel.
En er is rotsachtige grond, nodig: iet of wat dynamiet
Voor het gebruik van dynamiet kan ik de mensen gerustellen. Het varken is onlangs geslacht en ligt nu vakkundig in mootjes verdeeld en gediepvriesd naast het kalf Ashleentje. (*)
Wat Karel, boer Poutrel betreft is enige voorzichtigheid aangewezen. Karel is namelijk doof, of toch een beetje, aan zijn rechteroor. Dus als ge het laat ontploffen, doe het dan links van hem. Dan hoort hij tenminste wat er gebeurt. En wees gerust, Karel is een sterke, stevige kerel, van geen klein geruchtje vervaart.



(*) Ashleentje: zie schrijfsels van opabus in: La Garrigue

Geen opmerkingen: